Schildklierklachten

Schildklierklachten

15 jan. 2021 om 12:30

De schildklier is een orgaan, gelegen in de hals. Het produceert het schildklierhormoon dat nodig is voor onze stofwisseling. Elke lichaamscel heeft energie nodig om zijn werk te kunnen doen. Deze energie komt uit onze voeding in de vorm van vetten en suikers. In lichaamscellen wordt dit omgezet in bruikbare energie voor de cel, dit noemen we ATP. Schildklierhormoon geeft als het ware ‘toestemming’ aan de cel om zijn werk te mogen doen, kortom: om energie te mogen verbruiken.

Wat voor klachten horen er bij een tekort aan schildklierhormoon?

Indien er te weinig schildklierhormoon wordt geproduceerd ervaar je een gebrek aan energie, dus vermoeidheid. Omdat er minder toestemming is om energie te verbranden hoort een toename van lichaamsgewicht ook bij de symptomen. Verder zijn er weefselspecifieke symptomen. Als de darm te weinig energie mag verbruiken ontstaat constipatie. Als er bespaard wordt op groei van huid, haar en nagels worden deze droog, futloos, breekbaar of het haar valt zelfs uit. Het lichaam zit in de zogenaamde spaarstand. Energie wordt alleen uitgegeven aan noodzakelijke lichaamsprocessen. Vaak is daarom de vruchtbaarheid ook verminderd. Een onregelmatige cyclus kan ontstaan. Tijdens de zwangerschap en in de eerste twee levensjaren is het schildklierhormoon van kapitaal belang voor de ontwikkeling van het brein en de lengtegroei van botten.

Een tekort aan T3, of een teveel aan rT3 wordt veelal over het hoofd gezien.

Bij de klassieke vorm van tekort aan schildklierhormoon spreken we van hypothyreoïdie. De huisarts of endocrinoloog heeft dat veelal vastgesteld door een teveel aan TSH in het bloed en een lage T4 spiegel. Echter, er kan meer fout gaan. T4 hoort nog omgevormd te worden naar het actieve schildklierhormoon T3 in de weefsels (voornamelijk in de lever). Dit kan geremd zijn. Tevens kan het T4 omgezet worden naar inactief schildklierhormoon: rT3. Dit hormoon hecht aan op dezelfde receptoren als T3, maar het geeft het signaal dat er geen energie verbruikt mag worden. Een tekort aan T3, of een teveel aan rT3 wordt veelal over het hoofd gezien. Deze vorm heet NTIS (non thyroid illness syndrome) omdat de stoornis zich niet in de schildklier zelf bevindt.

Ook kan het zijn dat de receptoren voor T3 resistent zijn voor het hormoon, een zeldzame afwijking. In het bloed treedt er dan stapeling op van T3 én vindt er een toename van TSH plaats. Tot slot bestaan er auto-immuunziekten waarbij de schildklier wordt aangevallen door immuuncellen. Wanneer de schildklier hierdoor gestimuleerd wordt ontstaat een te snelle schildklierwerking: Hyperthyreoïdie van Graves. Wanneer de schildklier stuk gaat en daardoor onvoldoende hormoon produceert spreken we van Hashimoto.

Wat doet een kPNI-therapeut?

De kPNI-therapeut onderzoekt of er sprake is van een schildklierstoornis en in welke vorm. Vervolgens gaat hij op zoek naar de oorzaak ervan. Infecties, ontstekingen, stress en voedingstekorten of intoleranties kunnen allemaal een rol spelen.

Er zijn diverse voedingsstoffen die nodig zijn om T4 en T3 te maken: als bouwstof, maar ook als cofactor voor de enzymen die deze hormonen produceren. Daarnaast zijn er voedingsstoffen nodig die de receptoren gevoelig maken voor het hormoon. Flexibele celmembranen zijn nodig om verouderde receptoren te vervangen.

Energie naar het immuunsysteem

rT3 is van oudsher het overwinteringshormoon. Bij voedselschaarste wordt de verbranding vertraagt doordat rT3 tegen lichaamcellen ‘zegt’: verbruik maar wat minder energie. Een nuttige strategie, die echter ook door het immuunsysteem geactiveerd kan worden. Immuuncellen worden door rT3 namelijk niet geremd in tegenstelling tot andere weefsels. Het immuunsysteem zorgt er op deze manier voor dat andere weefsels minder energie kunnen verbruiken zodat deze energie naar het immuunsysteem kan gaan. Het immuunsysteem ‘steelt’ op deze manier energie van andere organen. Dit zien we veel bij sluimerende infecties in de mond, darmen of luchtwegen. De kPNI-therapeut zal dus op zoek gaan naar de reden van de ontstekingsactiviteit.

Bij auto-immuunziekten: Graves of Hashimoto

Auto-immuunziekten zijn complex. Normaliter worden lichaamseigen cellen niet aangevallen door het immuunsysteem. Bij een auto-immuunziekte wordt het immuunsysteem getriggerd door een complex scala aan factoren waardoor deze bescherming wegvalt. Hier spelen veel factoren een rol, waaronder bepaalde ziekteverwekkers (virussen en bacteriën) of een verhoogde doorlaatbaarheid van de darm. Maar ook verstoring in de hormonale huishouding, roken, lage vitamine D status, et cetera.

De kPNI-therapeut legt uit welke verbanden er zijn gevonden in de wetenschappelijke literatuur, en onderzoekt door middel van een anamnese en aanvullende tests welke oorzaken van toepassing zijn op jou als cliënt.

De therapie is altijd een leefstijlinterventie in combinatie met suppletie om de gevonden disbalans te herstellen. We kijken naar welke voeding je beter wel en niet kunt eten, of we eventuele tekorten moeten aanvullen. En of je supplementen kunt innemen of oefeningen kunt doen die een bepaald werkingsmechanisme gunstig beïnvloeden.

Case: Latifa met de ziekte van Hashimoto

Bij Latifa is na jaren van vermoeidheid Hashimoto vastgesteld. Ze is sindsdien goed afgesteld met medicatie. Desondanks wil ze graag kijken wat ze zelf kan doen om haar klachten te verbeteren.

Uit de anamnese blijkt dat Latifa in haar leven naast vermoeidheid veel maag- en darmklachten heeft gehad. Na elke maaltijd ervaart ze een opgeblazen gevoel in haar bovenbuik en haar ontlasting is zeer wisselend van aard, maar meestal wel vettig. Hierdoor heeft ze veel toiletpapier nodig. Verder is opvallend dat haar menstruatie ook niet bepaald van harte verloopt. Ze heeft veel last van buikkrampen, gespannen borsten en veel bloedverlies.

De kPNI-therapeut legt uit dat de buikklachten waarschijnlijk een gevolg zijn van een verteringsstoornis door de alvleesklier. Latifa eet heel vaak op een dag kleine beetjes. Haar spijsvertering krijgt hierdoor nooit pauze. Hij adviseert haar om haar maaltijdfrequentie te verlagen en tijdelijk plantaardige enzymen bij de maaltijd te nemen. Hierdoor ervaart ze meteen verlichting in haar buik en hoeft ze veel minder te vegen. Dit heeft vele positieve gevolgen voor haar darmflora, want onverteerd voedsel wordt een soort composthoop in de dikke darm.

Ten aanzien van de menstruatieklachten vermoedt hij een oestrogeendominantie. De therapeut laat Latifa zien dat sommige vormen van oestrogeen een stimulerende invloed kunnen hebben op immuuncellen. Hij adviseert haar daarom om de afbraak van oestrogeen door de lever te gaan optimaliseren en stelt een supplement voor. Latifa wordt geadviseerd om op te letten op BPA-belasting (kunstmatig oestrogeen) in haar voeding en keukengerei. Binnen drie maanden merkt Latifa op dat haar menstruaties minder heftig verlopen en dat haar stemming ook vele malen is verbeterd.

Bij auto-immuunziekten speelt een tekort aan vitamine D vaak een grote rol. Vanwege haar getinte huid adviseert hij om haar vitamine-D-spiegel te bepalen. Deze blijkt inderdaad veel te laag. Via een kuur wordt het tekort opgeheven en worden overactieve immuuncellen geremd. Vervolgens adviseert hij haar om een onderhoudsdosis aan te houden, in combinatie met omega-3-vetzuren. Laatstgenoemde zijn belangrijk om ontstekingen te remmen.

Tevens wordt een voedingsplan opgesteld waaraan Latifa over de maanden werkt. De therapeut laat aan de hand van enkele studies zien dat het eten van zoogdieren en zuivelproducten geen goed idee is bij Hashimoto. 97% van de patiënten heeft antistoffen tegen het stofje Neu5Gc in zoogdierenvlees en zuivel. Hij adviseert haar voeding met probiotische bacteriën en vezels die de groei van gunstige darmbacteriën bevorderen. Deze bacteriën produceren signaalstoffen die het immuunsysteem kunnen ‘bedaren’.

Ondanks de duidelijk merkbare verbeteringen in haar maagdarmkanaal blijft Latifa nog wat klachten in haar bovenbuik houden. Uit verder onderzoek blijkt een infectie met de Helicobacter Pylori bacterie. Een ziekteverwekker die bij meerdere aandoeningen een rol kan spelen. Een kuur met lactoferrine (een lichaamseigen ‘antibiotica’ dat onder andere in hoge mate in moedermelk voorkomt) doet de bacterie verdwijnen.

Door alle interventies is Latifa na een half jaar (drie behandelingen) een stuk energieker. Haar menstruele cyclus loopt beter, haar maag en darmen functioneren veel beter en haar immuunsysteem lijkt beter onder controle. Samen met de therapeut neemt ze nog enkele adviezen door die kunnen helpen voor de komende periode. Ze besluiten weer af te spreken na vier maanden om te evalueren en om het behandelplan eventueel bij te stellen.

NB bij de ontwikkeling van een auto-immuunziekte zoals Hashimoto kunnen ook hele andere mechanismen aan de orde komen zoals (early life) stress, een zittend bestaan, overgewicht, roken, slaapstoornissen, belasting met zware metalen en/of het leaky gut fenomeen. Het plan wordt dus per individu op maat gemaakt.


Deel dit artikel


Anne-Ruurd Hoogeveen

gediplomeerd kPNI-therapeut

Anne-Ruurd Hoogeveen

gediplomeerd kPNI-therapeut

Anne-Ruurd, kPNI-therapeut en osteopaat, heeft een niet te stillen honger naar kennis over het menselijk lichaam. Gezondheid, beweging en sport hebben altijd zijn grote interesse gehad. Zijn gedrevenheid om het ontstaan van klachten beter te begrijpen draagt bij aan zijn constante zoektocht naar nieuwe invalshoeken om mensen nog beter te helpen.

Met veel passie zoek ik tijdens een consult de oplossing van de vaak complexe puzzel.
Lees meer over Anne-Ruurd
Categorieën

Lees ook
Artrose29 jan. 2021 14:00
Migraine17 dec. 2020 16:20
Fibromyalgie19 aug. 2020 13:46

Maak een afspraak

of vraag meer informatie aan


Wij zijn aangesloten bij de beroepsvereniging MBOG.

Loading...
Loading...

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipisicing elit. Dolore, velit?

ok

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipisicing elit. Dolore, velit?

okannuleren

Dummy popup

Loading...
Image

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit, sed do eiusmod tempor incididunt ut labore et dolore magna aliqua.